Een wervend woonmilieu?

Apeldoorn - BloemkoolDoor Boudewijn Wijnacker (oprichter/eigenaar Novio Ruimtelijke Analyses)

Donderdag 18 april stond voor de GSRO in het teken van bloemkoolwijken, het type woonwijk dat zowel geliefd als gehaat is door de gemiddelde Nederlander. Intiem, groen en kindvriendelijk staan in de discussies vaak lijnrecht tegenover kneuterig, ontoegankelijk en niet meer bij de tijd. Beide visies kwamen gedurende de GSRO-bijeenkomst naar voren. Iedereen heeft wel eens de horrorverhalen over verdwalen in een bloemkoolwijk gehoord, kent de beperkingen van het woonerf en het gesloten karakter van deze wijken. Op deze avond, gefaciliteerd door de Gemeente Apeldoorn, werd uitvoerig ingegaan op de kwaliteiten en kansen die deze wijken herbergen.

Namens Novio Ruimtelijke Analyses trapte ik de avond af met een uitgebreide analyse van de ruimtelijke kwaliteit van Gelderse bloemkoolwijken. De focus van gebiedsanalyses ligt voor Novio Ruimtelijke Analyses altijd op het DNA van het te onderzoeken plangebied. Wat is de kernidentiteit van het gebied? Hoe verhouden identiteit en imago zich tot elkaar? Vanuit een positieve insteek kijkt Novio Ruimtelijke Analyses naar het DNA van een wijk. Welke kansen biedt dit DNA voor ruimtelijke, economische en toeristische ontwikkelingen? Wijkanalyses zijn voor Novio Ruimtelijke Analyses altijd het resultaat van verschillende componenten:

  • Kwalitatief onderzoek
    • Literatuuronderzoek;
    • Archiefonderzoek;
    • Wijkbezoeken;
    • Interviews met ‘experts’
    • Kijken naar economische actoren in het gebied
  • Kwantitatief onderzoek
    • Sociaal-maatschappelijke analyse (wijkmonitor): wijkmonitoren zijn vaak ook op basis van enquêtes samengesteld: ‘leefbaarheid van onderaf’

Vervolgens werd er dieper ingegaan op de kwaliteiten van dit type wijk. Bloemkoolwijken zijn een direct antwoord op de modernistische stadsplanning uit de jaren ’50. Het protest tegen de uitwassen van het modernisme klonk al in de late jaren vijftig bij Team 10, de afsplitsing van het Congrès Internationaux d’Architecture Moderne (CIAM). Jacob Bakema en Aldo van Eyck, beide oprichters van Team 10 en redacteuren van het tijdschrift Forum, werden de aanjagers van de vernieuwingsbeweging die zocht naar een humaan alternatief voor de monotone wederopbouwarchitectuur uit de modernistische school. De architecten Aldo van Eyck, Jacob Bakema en Herman Hertzberger, uitten met hun tijdschrift Forum onder de titel ‘Het verhaal van de andere gedachte’ kritiek op de kille zakelijkheid en functionalistische eentonigheid van modernistische naoorlogse stadsplanning. Bloemkoolwijken werden wijken met ‘werfkracht’, om de op dat moment in gang zijnde suburbanisatie het hoofd te bieden. Landelijk wonen in de stad, dat werd het idee. Deze gedachten kregen vorm in een wijkconcept dat gekenmerkt wordt door de volgende ruimtelijke kwaliteiten:

  • Kenmerkende stedenbouwkundige opzet: Het stratenpatroon van bloemkoolwijken kenmerkt zich vaak door een door de wijk heen lopende ontsluitingsweg van waaruit verschillende meanderende woonerven zich onttakken. Wie van bovenaf kijkt, ziet grote verschillen met wijken uit de jaren vijftig en zestig (Neerbosch Oost);
  • Pluriforme architectuur: Bloemkoolwijken zijn ontstaan volgens het zogeheten ‘vlekkenplan’. Hierdoor zijn deze wijken in de loop van de jaren zeventig en tachtig ontstaan en kennen daardoor een divers karakter qua architectuur;
  • Cultuurhistorische relicten: Naast de zo kenmerkende jaren-zeventig-architectuur, vindt men in bloemkoolwijken ook relicten uit eerdere periodes. Bloemkoolwijken zijn laatnaoorlogse uitbreidingswijken die zich ooit aan de rand van een stad bevonden. Wie goed kijkt, komt nog boerderijen, verkavelingstructuren en andere relicten tegen die herinneren aan een agrarisch verleden;
  • Sterke groenstructuren (soms ook blauw): Het zijn vaak de groenste wijken van een stad, de bloemkoolwijken. Parken, snippergroen, weiden, bomenlanen, plassen, beken en grachten wisselen elkaar in hoog tempo af;Afbeelding 3694
  • Veel voorzieningen op loopafstand van woningen: De stadsplanners uit de jaren zeventig wilden de auto weren uit de buurt. Bloemkoolwijken werden bedacht voor jonge gezinnen, met veel speeltuinen, scholen en winkelvoorzieningen op loopafstand van de woningen. Dit valt ook terug te zien in het spreidingspatroon van de voorzieningen. De wijken bevatten bovendien vaak grote woningen voor relatief weinig geld.

Het zijn deze kwaliteiten die kansen bieden voor verdere ruimtelijke, economische en toeristische ontwikkeling. Revitalisering van bloemkoolwijken heeft alleen kans van slagen als er wordt uitgegaan van dit ruimtelijk DNA, welke de basis vormt voor de identiteit van de wijk. Uiteraard is het kortzichtig om structurele problemen in de wijk te negeren. Daarom is er een onderscheid te maken in de volgende kenmerkende problemen:

    • Wijkconcept niet meer bij de tijd:
      • Veranderende parkeernorm: meer auto’s op straat
      • Individualisering van de samenleving: publieksfunctie woonerven verandert. Bewoners minder betrokken bij leefbaarheid eigen buurt
      • Wijken hebben in zichzelf gekeerd karakter: onbekend, maakt onbemind
      • Gebrek aan oriëntatie: ‘verdwaalwijken’
      • Ruimtelijke kwaliteiten scharnieren langs elkaar heen: woningen met achterkant naar openbare ruimte
    • Bezuinigingen op groenstructuren
      • Onderhoudsniveau naar beneden bijgeschaald: snippergroen
      • Verkoop publiek groen aan particulieren zonder opgenomen randvoorwaarden: degradatie kwaliteit openbare ruimte
  • Sociaal-maatschappelijk
    • Vergrijzing
      • Dalende verhuisgeneigdheid, voorzieningen niet meer op niveau voor doelgroep, jeugdoverlast
    • Gebieden met sociale huurwoningen vaak problematisch
      • Gebouwd in crisis van jaren tachtig: bezuinigingen op kwaliteit groenstructuren, voorzieningenstructuur, goedkopere bouw, rechtlijniger stratenpatroon
      • GIS-systemen leggen verbanden tussen lagere inkomensgroepen, daling koopkracht, daling voorzieningenniveau, criminaliteit, huiselijk geweld etc.

Het onderscheiden van deze problemen is cruciaal om tot passende oplossingen te komen. Revitalisering van bloemkoolwijken is dan ook maatwerk. Een grondige analyse van de aard van problemen in de buurten is nodig om passende maatregelen te vinden.

  Fysiek Sociaal-maatschappelijk
Macro (stadsdeel / wijk) Entreepunten voor de wijk versterken Marketingcampagne om imago te verbeteren
Meso (buurtniveau) Verhogen onderhoudsniveau groenstructuren Organiseren buurtactiviteiten
Micro (straatniveau) Bewoners laten meepraten over inrichting publieke ruimte Projecten op scholen

Dat revitalisering maatwerk is, bleek ook uit het tweede deel van de avond, waarin planoloog Marieke Boutkan van de Gemeente Apeldoorn een inspirerende presentatie gaf over het uitvoeringsprogramma in het Apeldoornse stadsdeel ‘De Maten’, de grootste bloemkoolwijk van Nederland. Samen met bewoners is ‘van onderaf’ gekeken hoe deze wijk leefbaarder gemaakt kon worden. Duidelijk werd dat revitalisering maatwerk is en vaak al op hele kleine schaal mooie resultaten tot gevolg kan hebben. Door bewoners actief te betrekken bij de inrichting van de publieke ruimte zorgt de Gemeente Apeldoorn ervoor dat de kwaliteit van deze openbare ruimte verbeterd wordt. Een voorbeeld dat werd aangehaald is de realisatie van een speelterrein dat gemodelleerd is naar een zeventiger jaren zitkuil, welke is verworden van slecht onderhouden pleintje tot druk bezochte speelplaats voor kinderen. Een goed voorbeeld dat aantoont dat bewonersparticipatie ruimtelijke kwaliteit ten goede komt en dat dit gepaard kan gaan met respect voor de cultuurhistorie van een locatie. Ook wees BoutkAfbeelding 3741an op het feit dat de belevingswereld van de gemiddelde inwoner zeer klein is. Binnen een woonerf trekt een bewonersgroep zich de staat van de publieke ruimte nog aan, maar eenmaal daarbuiten neemt dit enthousiasme af. Daarom is het zaak dat als bewoners benaderd worden, dan ook hier onderscheid per buurt of zelfs per hofje of straat gemaakt wordt. Een hogere mate van betrokkenheid resulteert immers in kwalitatief betere ruimtelijke ingrepen. De Gemeente Apeldoorn laat zien dat het in dit proces – ruimtelijke ontwikkeling ‘van onderaf’ – op de goede weg is, zo bleek ook uit de enthousiaste reacties uit het publiek.

De conclusie van de avond luidde dat, ondanks enkele kritische geluiden over de kwaliteiten van deze bloemkoolwijken, identiteit en imago vaak niet overeen komen. Doordat deze wijken zo in zichzelf gekeerd zijn hebben veel burgers een beperkt beeld van deze wijken, dat vaak door mediaberichtgeving ook nog eens negatief beïnvloed wordt. Hierdoor hebben bloemkoolwijken vaak een negatief imago. De identiteit van deze wijken herbergt echter wel degelijk enige kwaliteit, zowel ruimtelijk als wel zo ervaren door de bewoners. Bij revitalisering is het noodzaak om deze bewoners actief te betrekken in het proces. Participatie creëert draagvlak en draagvlak resulteert in een langdurige kwaliteitsimpuls van de wijk. Ook kan door input van bewoners blijken dat hele kleine ingrepen grote positieve impulsen tot gevolg kunnen hebben. En dat is in deze tijden van crisis mooi meegenomen.

Boudewijn Wijnacker MA MSc (1988) is cultuurhistoricus en stadsgeograaf en thans oprichter en eigenaar van Novio Ruimtelijke Analyses, advies- en onderzoeksbureau in stedelijke ontwikkeling, cultuurhistorie en ruimtelijke ordening: http://www.novioruimtelijkeanalyses.nl

oprichter en eigenaar van Novio Ruimtelijke Analyses

Advertenties

One thought on “Een wervend woonmilieu?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s